Columns

Tas

In de eersteklascoupé van Arnhem naar Den Helder zit een modieus en stijlvol geklede gebronsde zestiger. De vrouw die even later bij hem komt zitten, komt net als hij uit Amsterdam, zo blijkt uit de conversatie tussen hen die volgt. Zij is iets jonger. Een spontane leuke verschijning. Op weg naar huis.
"Nieuwe tas?", vraagt de man.
"Ja, leuk is ie hé?", antwoord ze op blijde toon.
"Het is maar waar van houdt", antwoordt hij.
"Heb ik in Marokko gekocht."
"Ja, dat dacht ik al."
"Was in de soek, je weet wel zo'n markt waar je van alles kunt vinden", gaat de vrouw verder.
"Ik ken het ja. Voor je het weet smeren ze je daar van alles aan."
"Ja ach, ik was er ook niet op uit hoor om een tas te kopen, maar hij was niet duur."
"Dat is ook te zien ja."
Het gezicht van de van de vrouw betrekt en de man staart naar de tas als was het een zieke hond.
"De kwaliteit is natuurlijk niet te vergelijken met mijn andere tassen maar hij is wel heel kleurrijk."
"Ja, dat is ie zeker", gaat de man verder.
"Het is ook geen tas die ik veel zal gebruiken hoor", zegt de vrouw alsof ze zich geroepen voelt zich te excuseren omdat ze voor deze opvallende tas heeft gekozen.
"Als je een mooie tas wil hebben, ken ik in Amsterdam nog wel een goede winkel."
De vrouw reageert niet.
Wanneer ze samen de trein verlaten heb ik even de neiging haar aan te spreken om haar te laten weten dat ik haar tas hartstikke leuk vind. Maar ik doe het niet. Het zou na alle weinig subtiele opmerkingen van haar reisgenoot weinig kans van slagen hebben om haar gesmoorde enthousiasme weer wat op te vijzelen. Ik kon me bovendien voorstellen wat hij daarop tegen mij zou zeggen: "U lijkt me ook wel het type die een tas als deze wel kan waarderen...."


Volgende column 9 april